Artikel

benchmark

Benchmark gemeentelijke Ingenieursbureaus laat grote verschuiving zien

Wat zijn de trends?

Afname van aantal opdrachten en van variabele kosten, taakverbreding en meer samenwerking tussen gemeenten. Dit zijn kortweg dé grote bewegingen binnen de gemeentelijke ingenieursbureaus. Dat werd helder op de Dag van de Stadsingenieurs, georganiseerd door KplusV.

Tijdens de dag van de Stadsingenieurs op 4 oktober jl. kregen circa 60 vertegenwoordigers van 31 Nederlandse gemeenten zicht op de betekenis van de gegevens uit de laatste benchmark. KplusV stond aan de wieg van dit jaarlijkse onderzoek en voert de benchmark nu voor het derde jaar uit in opdracht van de Stadsingenieurs. Doel is om voor de Stadsingenieurs de eigen prestaties, resultaten en algemene trends inzichtelijk te maken.

Met de benchmark krijgen gemeenten inzicht in mogelijkheden tot kwaliteitsverbetering en kostenbesparing. Ook kunnen ze hun efficiency aantonen aan opdrachtgevers en partners. Items uit de benchmark zijn onder meer: welk omzetvolume wordt met welke formatie behaald, hoe is de overhead opgebouwd, hoe functioneert het interne kwaliteitssysteem, etc. Ook wisselen de ingenieurs onderling kennis en ervaringen uit. Hiermee levert de benchmark een bijdrage aan de verdere professionalisering van de Stadsingenieurs.

KplusV zet de meest opvallende gegevens op een rij en analyseert deze. Op 4 oktober werden de resultaten gepresenteerd en gingen de ingenieurs met elkaar in gesprek over best practices en mogelijkheden voor innovatie.

Door bezuinigingen en reorganisaties zien we in de breedte terug:

  • Afname van het aantal opdrachten
  • Afname van variabele kosten
  • Afname van de managementondersteuning per medewerker
  • Taakverbreding (meer projectmanagement- en beheertaken)
  • Interne herpositionering van het bureau
  • Regionale samenwerking op het vlak van ingenieurstaken

De deelnemende gemeenten zien vooral de voordelen van deze ontwikkelingen. De intensieve afstemming en nauwere samenwerking tussen eigen afdelingen en met andere gemeenten komen de service en het resultaat ten goede.

Leerinstrument
Hoewel de landelijke trends helder naar voren komen, ziet KplusV de benchmark primair als leerinstrument waarmee de bureaus leren van hun onderlinge overeenkomsten en verschillen. Alleen aan een cijfermatige spiegeling met gemiddelden heb je dan weinig. De toegevoegde waarde zit juist in het verhaal achter de cijfers; de zoektocht naar verklaringen voor verschillen en succesvolle werkwijzen naar aanleiding van de cijfers. Daar wordt invulling aan gegeven in workshops en in eventuele extra bijeenkomsten.

Stokje overgedragen
Tijdens de meeting hebben Bas Grol en Jan Beldman van KplusV zich voorgesteld. Deze adviseurs zijn al langer intensief bij de benchmark betrokken en hebben het stokje officieel overgenomen van Irene Veldman en Mark Leemans.

Ook voor uw Gemeentelijk Ingenieursbureau?
Wilt u meer weten over de benchmark en wat die uw gemeente kan opleveren, neem dan gerust contact op met Bas Grol via T 026 355 13 55.

Print Referenties