Artikel

drie decentralisaties

Column, drie decentralisaties: het kan vriezen, het kan dooien!

Geen Elfstedentocht dus, maar we hebben er met z’n allen heel wat over gesproken of zelfs wakker van gelegen. Zelf ben ik niet zo’n schaatser en hanteer in deze discussies een houding van ‘het kan vriezen en het kan dooien’. Bijzonder om te constateren dat ik zo’n houding ook af toe ook bij gemeenten tegenkom. Ook nu de wettekst van de Wwnv is gepubliceerd hoor ik nog ambtenaren en bestuurders twijfelen of de wet zal worden ingevoerd. Ze neigen er soms zelfs toe om de voorbereiding te bevriezen.

Gelukkig kom ik op lokaal niveau veel ‘ontdooide’ types tegen die met veel energie de toekomst vormgeven. Meerjarenbegrotingen worden met veel creativiteit sluitend gemaakt en in het lokale activiteitenpakket wordt stevig gesaneerd. Maar de komst van de drie decentralisatieoperaties zorgt toch echt wel voor onrust aan het gemeentelijk front. Menig bestuurder wist zich het zweet van het voorhoofd als de gedachten aan deze nieuwe financiële uitdaging langskomen. Het is natuurlijk ook niet niks: een Wwnv met een halvering van het budget dat er was voor toeleiding naar werk, verantwoordelijk worden voor de extramurale opvang met meer klanten, minder totaalbudget, een lastige aanbestedingsverplichting, en tenslotte de Jeugdzorg waar je tot nu toe nauwelijks een rol in had. Als je daar niet onrustig van wordt!

Maar er worden gelukkig ook kansen gezien. De echte ‘toerrijders’ zien aan de horizon de mogelijkheden om alle activiteiten binnen het sociale domein tegen het licht te houden. Kansen om opnieuw te structureren, te integreren, misschien noodgedwongen te saneren maar in ieder geval ook te stimuleren! Ze beseffen daarbij dat ze niet op een mooi geveegde baan rijden maar dat er sprake is van ‘werkijs’ waarbij je moet samenwerken en om de beurt op kop zal moeten rijden. Samenwerken moet het uitgangspunt zijn, en wel op drie niveaus. Fris als eerste de samenwerking met de buurgemeenten op en intensiveer die waar mogelijk, de vraagstukken ontstijgen immers deels het lokale niveau. Zoek daarnaast de samenwerking met de maatschappelijke organisaties, voer met hen de discussie over de verantwoordelijkheid voor de uitvoering; niet alles hoef je als gemeente zelf te doen. Tot slot, bevorder de interne samenwerking; de uitdagingen vragen om integrale teams en niet om een verkokerde blik.

Met zo’n focus op samenwerken geeft elke ijsmeester wél akkoord en wordt een gezamenlijke finish op de Bonkevaart, met ook nog een mooie eindtijd, in 2012 toch nog een reële optie.

Print Referenties