Op dit moment wordt vanuit beleid allerlei gegevens van statushouders vastgelegd, maar niet welke opleidingen zij hebben gevolgd. Van driekwart is dat onbekend. Als je dit niet weet, hoe kun je mensen dan aanspreken op hun potentieel?
Wat we vandaag al wel kunnen doen
De hele inburgeringswet aanpassen is morgen niet gebeurd. Maar wij, als partijen aan de vragende kant van de arbeidsmarkt, kunnen wel morgen besluiten het anders te doen, namelijk door te kijken naar welk talent statushouders hebben, welke opleiding zij hebben gevolgd en welke werkervaring zij hebben vanuit hun land van herkomst.
Waarom samenwerking nodig is
Misschien lukt dat niet een bedrijf in zijn eentje; dat is denk ik wat te veel gevraagd. Precies daarom pleit ik hier steeds, en ik zet in op de kracht van de herhaling, voor een lokaal of regionaal ecosysteem rondom statushouders en werk. Een vanuit de praktijk gevormd samenwerkingsverband waarin je klein begint met de kernstakeholders die in jouw regio met statushouders te maken hebben, en samen besluit: wij gaan dit vanaf morgen anders doen. Want samen is meer kennisdeling, meer slagkracht, gedeelde verantwoordelijkheid en eigenaarschap.
Regionaal beginnen
Laten we kijken naar wat mensen kunnen bijdragen, niet alleen naar wat zij nog niet beheersen. En dat begint niet in nationaal beleid op papier, maar vanuit de regionale praktijk: klein, regionaal en vooral samen.
