Eerder werkrecht voor kansrijke asielzoekers
Zo krijgen kansrijke asielzoekers al na drie maanden werkrecht in plaats van zes. Dat voorkomt onnodig tijdverlies en maakt het mogelijk dat nieuw talent eerder kan bijdragen in sectoren met grote tekorten. Tegelijk komen er “Meedoenbalies” op opvanglocaties, waar taal, begeleiding en koppeling aan werk direct samenkomen. En met de inzet op startbanen en ervaringscertificaten wordt bestaande ervaring sneller zichtbaar en inzetbaar, terwijl mensen werkritme, taal en praktijkervaring opdoen.
Waar het nu misgaat
Dit zijn belangrijke stappen, omdat ze precies raken aan wat misgaat: te veel wachttijd, te weinig verbinding tussen leren en werken, en te weinig zicht op wat mensen al kunnen. Het akkoord biedt nu instrumenten die dat kunnen doorbreken, mits ze niet los van de praktijk worden uitgevoerd.
Verandering ontstaat in de regio
Want zoals ik vorige week al zei: beleid helpt, maar échte verandering begint niet in Den Haag. Die ontstaat in de regio, waar gemeenten, werkgevers, ontwikkelbedrijven en onderwijs samen organiseren dat nieuw talent daadwerkelijk duurzaam op de werkvloer terechtkomt. Dáár wordt arbeidspotentieel benut — lokaal, praktisch en in samenwerking.
